De korte geschiedenis van Cool

Voormalig Ambacht bestaande uit de polders Beukelsdijk, Schoonderloo en Cool

Het ontstaan...

Lang was Cool slechts een gehucht. De weinige huizen liggen verspreid over de polders Beukelsdijk, Schoonderloo en Cool.

Qua bewoners is er bij haar ontstaan in hoofdzaak sprake van boeren. Kenmerkend voor het gebied zijn molens, blekerijen en tuinen. En hoewel er in het gebied nog wel een school aanwezig is, ontbreekt het aan een raadhuis en voor de kerkgang is men aangewezen op Rotterdam en Overschie.

Bij gebrek aan een eigen onderkomen vergaderden de voormalige bestuurders in de nabij gelegen Stadsdoelen, een locatie die ook wel als 'Coolhuis' werd aangeduid.

Het bewoonde deel van Cool telde rond 1850 zo'n 9.000 inwoners. Een aantal dat degelijks toenam vanwege de slechte leefomstandigheden binnen de Rotterdamse Stadsdriehoek tussen de Coolsingel en de Goudsesingel. De hoofdstraten binnen Cool wereden gevormd door de eeuwenoude Binnenweg en de Kruiskade, die in Oost-Westelijke richting het gebied doorkruisten.

Op de toeloop van zoveel woningzoekenden bleek het rioleringstelsel niet berekend, zodat het in Cool met de leefomstandigheden snel bergafwaarts ging. Ter verbetering kwam in 1854 in samenwerking met het Hoogheemraadschap het plan van Rose, directeur gemeentewerken, tot stand. Zijn singelplan betekende een directe verbetering van de gezondheidsomstandigheden en gaf het gebied een prachtige uitstraling.